Twee recensies over het boek ‘Toetsen volgens de toetscyclus – Deel 1’

Recensie 1: ‘Wat een toets! Dat moet toch beter kunnen.’

Geschreven: 27 januari 2016 door Mark van de Weijer.
Overgenomen van: http://www.markvandeweijer.nl/wat-een-toets-dat-moet-toch-beter-kunnen/

We hebben allemaal wel eens een examen gedaan met vragen die niet deugen. Van die vragen die meer op een leesoefening lijken of die niet eenduidig geformuleerd zijn. Het is dan ook lastig om een goede toets te maken, die een juiste afspiegeling is van de stof en waarbij de vragen toetstechnisch in orde zijn.

Al doende leert men

De afgelopen 25 jaar heb ik veel toetsen, cases en opdrachten ontwikkeld en beoordeeld. Ook ik heb goede en minder goede vragen gemaakt. Al doende leert men echter, en door te sparren met toetsdeskundigen, mijn eigen vragen te laten beoordelen en van tijd tot tijd bijscholing te volgen, werden mijn toetsen gaandeweg beter.

Waar moet je beginnen?

Voor de onervaren toetsenmaker is het lastig om de juiste informatie te vinden waarmee je op weg wordt geholpen. Er is namelijk veel informatie over het maken van toetsen, maar welke informatie is nu van belang? Begin januari sprak ik Harry Molkenboer, een gerenommeerd toetsdeskundige. Hij heeft in 2015 een boek geschreven over het maken van toetsen: ‘Toetsen volgens de toetscyclus – Deel 1’. Hij was eerder al initiatiefnemer en mede-auteur van het boek ‘Toetsontwikkeling in de praktijk. Hoe maak ik goede vragen en toetsen?’ uit 2004.

Handig ‘doe-boek’

In zijn nieuwe boek neemt Harry de acht fasen van de toetscyclus als basis waarmee je op een logische en gestructureerde manier tot een goede en valide toetsing komt. In Deel 1 beschrijft hij de eerste drie fasen van deze toetscyclus:
1. beschrijven van de context van een toets;
2. ontwikkelen van toetstermen en een toetsmatrijs;
3. ontwikkelen van gesloten en open vragen en opdrachten.

Ook beschrijft hij de diverse toetsvormen waarin deze vraagvormen voorkomen. Alles heel overzichtelijk uitgewerkt en toegelicht met veel voorbeelden en praktische handvatten. Echt een ‘doe-boek’. Deel 2 is onderweg en gaat over ontwikkelen van verschillende opdrachtvormen, samenstellen en afnemen van een toets, beoordelen, analyseren en vaststellen van resultaten en evalueren, rapporteren en verbeteren.

Checklists en voorbeelden

Heel bruikbaar in deel 1 zijn bijvoorbeeld de checklists om de kwaliteit van gesloten en open vragen te beoordelen. Voor mij – gelukkig – met heel herkenbare punten waar ik al jaren naar kijk. Waar ik zelf veel aan heb gehad, is de beschrijving van de diverse vormen van gesloten vragen. Harry wijst er terecht op dat veel examens bestaan uit standaard multiple choice vragen met 3 of 4 antwoordalternatieven, en dat de keuze voor deze vraagvorm vaak niet altijd tot de beste kwaliteit van toetsing leidt. Met hele duidelijke voorbeelden geeft hij aan hoe het beter kan. Ik realiseer me dat ik zelf ook vaak de standaard vormen heb gebruikt, terwijl het zeker bij digitaal toetsen zoveel beter kan.

Aanrader

Al met al een heel praktisch boek dat iedereen die toetsen maakt of beoordeelt onder handbereik zou moeten hebben, zeker ook als je dat vanuit de rol van vakinhoudelijk specialist doet.

Harry Molkenboer schrijft:
Geïnteresseerd in wat Mark van de Weijer Regie & Realisatie doet?
Klik hier

Recensie 2: In EXAMENS, Tijdschrift voor de toetspraktijk, Rubriek ‘Gezien en gelezen’,
nummer 2016-2, p. 56-57

Geschreven: mei 2016 door Ad de Jongh, eindredacteur.

De professionalisering van toets- en examenfunctionarissen staat hoog op de agenda. Niet alleen van scholen en exameninstellingen, maar ook van de beroepsvereniging, de NVE. Publicaties in tijdschriften, zeker in EXAMENS, hebben het thema professionalisering vaak tot onderwerp. Ook verschijnen er regelmatig boeken over diverse thema’s binnen het toetsen examenproces.

Harry Molkenboer heeft daar met zijn boek ‘Toetsen volgens de toetscyclus’ een bijdrage aan geleverd. Eind 2015 verscheen deel 1. Deel 2 zal later verschijnen. Deel 1 omvat meer dan 300 pagina’s. Deel 2 is in ontwikkeling. Totaal zal het om een omvangrijk werk gaan. In dit eerste deel worden de fasen 1, 2 en 3 van de toetscyclus behandeld. Daarbij gaat het om het beschrijven van de context van een toets (fase 1), het ontwikkelen van toetstermen en een toetsmatrijs (fase 2) en het ontwikkelen van vragen en opdrachten (fase 3). Deze derde fase omvat tweederde deel van het boek. Beschreven worden toetsvormen met open en gesloten vragen, zoals de casus-toets, de voortgangstoets, de Script concordance Test en de mondelinge toets. De nadruk van het boek ligt op het ontwikkelen van vragen en opdrachten en daarbinnen wordt weer de meeste aandacht besteed aan het ontwikkelen van de gesloten vragen. De auteur gaat bij het construeren van de toetsitems niet uit van vraagtypen (zoals bijvoorbeeld in het boek van Teelen), maar zijn leidende principe is het constructievoorschrift. Hij onderscheidt er maar liefst 31 voor het ontwikkelen van gesloten vragen, die alle uitgewerkt worden volgens een vast stramien: belang, toelichting, valkuil, voorbeelden. De voorbeelden zijn in dit boek belangrijk. Niet alleen goede voorbeelden worden gegeven, maar ook voorbeelden van hoe het niet moet. Voor het ontwikkelen van open vragen zijn er 38 onderscheiden. De constructievoorschriften worden ook gerelateerd aan de kwaliteitseisen die aan het ontwikkelen van gesloten en open vragen mogen worden gesteld.

Het boek (dit eerste deel) zou ik willen kenmerken als een handboek voor al degenen die zich met toetsen en examineren bezighouden. Zeker de constructeurs van de toetsitems, maar ook andere examen- en toetsfunctionarissen zullen het boek vaak kunnen hanteren bij hun werkzaamheden. Het boek moet je niet in één keer uitlezen (wat ik wel heb gedaan), maar je moet het hanteren bij je activiteiten in het kader van het toets- en examenproces. Zo heb ik het boek onlangs gebruikt bij het construeren van een toetsmatrijs voor het maken van een toets voor professionals die een bepaald softwareprogramma toepassen bij cardiovasculair onderzoek. Vragen die bij je opkomen tijdens zo’n proces worden beantwoord door het betreffende hoofdstuk (in dit geval het ontwikkelen van een toetsmatrijs) te raadplegen. Kortom een echt handboek. Ook didactisch is het boek goed doordacht. Het beschrijft systematisch de fasen van de toetscyslus, maar geeft ook ‘aanschouwelijk onderricht’ , niet alleen door de systematiek die gebruikt is, maar ook door de binnenkant van de covers (die uitklapbaar zijn) en waarop alle constructievoorschriften en kwaliteitscriteria een beschrijving van de opbouw van vragen te vinden zijn.

Met meer dan gewone belangstelling kijk ik uit naar deel 2, waarmee het handboek compleet zal zijn.

Een boek dat niet alleen voor de professionals van belang is, maar zeker voor (onderwijskundige) opleidingen een aanrader is.

Harry Molkenboer schrijft:
Geïnteresseerd in wat EXAMENS biedt?
Klik hier

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

negentien − 14 =

Bureau voor toetsen en Beoordelen